Column | ‘armoedebestrijding noodzakelijk voor nationale weerbaarheid’

Nederland investeert terecht miljarden in militaire weerbaarheid. Maar een samenleving waarin honderdduizenden mensen door armoede niet in staat zijn een menswaardig bestaan te leiden, is kwetsbaar. Daarom zou armoedebestrijding onderdeel moeten zijn van de investeringen die gedaan worden in nationale weerbaarheid, stelt Marjolijn van Gerven.

Marjolijn van Gerven is de alliantiecoördinator voor SDG 1 (Geen Armoede), je kunt hier meer over de SDG en haar rol lezen.

Op 17 oktober 1987 kwamen meer dan 100.000 mensen bijeen op het “Human Rights and Liberties Plaza” bij Palais de Chaillot in Parijs, de plek waar in 1948 de Universele verklaring van de rechten van de mens werden ondertekend. De bijeenkomst werd geleid door Joseph Wresinski, een Franse priester die zelf in armoede was opgegroeid. De aanwezigen, veelal mensen die zelf in armoede leefden, kwamen bijeen om de slachtoffers van extreme armoede, honger en geweld te herdenken. Maar dat niet alleen: zij verklaarden armoede tot een schending van mensenrechten. De dag groeide uit tot een internationale herdenking en werd in 1992 officieel erkend door de Verenigde Naties. 

Om te weten hoe het met armoede in Nederland staat moeten we even wachten. Het CBS brengt ieder jaar in december haar rapportage uit. Voor zover armoede zich in cijfers laat vatten. De jaarlijkse armoedecijfers geven inzicht in de omvang van financiële armoede. Maar als we armoede alleen in cijfers uitdrukken lopen we het risico om de menselijke realiteit die daarachter schuilt uit het oog te verliezen. Juist daarom is de jaarlijkse telling uiteindelijk van beperkt belang. 

Veel belangrijker is onze manier van kijken naar armoede die in Nederland sterk bepaald lijkt te worden door onze grondwet. Zo begint artikel 20 met: “De bestaanszekerheid der bevolking is een zorg van de overheid. Opgevolgd door: “de wet stelt regels omtrent de aanspraken op sociale zekerheid.” 

In tegenstelling: artikel 25 van de Universele Verklaring voor de Rechten van de Mens begint met de woorden: “Eenieder heeft recht op een levensstandaard die toereikend is voor de gezondheid en het welzijn van zichzelf en zijn gezin, waaronder begrepen voedsel, kleding, huisvesting en medische zorg”. Waar onze Nederlandse Grondwet de zorgplicht van de overheid en de regels centraal stelt, stelt de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens het recht op een menswaardig bestaan centraal. 

Het betreft een fundamenteel ander vertrekpunt omdat het recht op een menswaardig bestaan iets zegt over wat voor samenleving je wilt zijn en welke morele ambitie je nastreeft. Een zorgplicht zegt vooral iets over de manier waarop de toegang tot hulp en ondersteuning wordt georganiseerd. 

Nu lijkt de mensenrechten benadering aan terrein te winnen door de vaststelling van de Europese Anti- Armoedestrategie (2025) door de Europese Commissie. Deze strategie neemt menselijke waardigheid als uitgangspunt gebaseerd op artikel 1 van het EU- handvest: “Living in dignity is a fundamental right and the EU has committed to respect it and protect it”.  En niet alleen vanuit het politieke Europa krijgt het mensenrechtenperspectief meer bijval. In de apostolische exhortatie Dilexi te in 2025 schrijft Paus Leo XIV dat zorg voor de armen geen liefdadigheid is, maar raakt aan het hart van het christelijk geloof. In de zorg voor de armen hervindt de kerk haar roeping om haar meest authentieke zelf te zijn (regel 76 “At the side of the least among us”). Ook hij stelt dat armoede niet slechts het gebrek is van geld maar gaat over het verlies van waardigheid, stem, sociale relaties en perspectief. 

Zowel vanuit de Europese politiek als vanuit het Vaticaan wordt opgeroepen om de schouders te zetten onder het terugdringen van armoede. Waarom is dat nu zo belangrijk? In Europa en in Nederland bereiden we ons, met name gevoed door geopolitieke ontwikkelingen en spanningen, voor op rampen en crises die kunnen leiden tot een maatschappelijke ontwrichting. In het “Raamwerk voor Nazorg en Herstel”, uitgebracht door het Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (NIPV) , is opgenomen dat mensen die over minder middelen en sociale netwerken beschikken veelal zwaarder worden getroffen door een maatschappelijke ontwrichting en vaak daarna ook minder snel kunnen herstellen. 

Armoede en kwetsbaarheid liggen in elkaars verlengde

Het lijkt daarom niet voor niets dat in de VN het bestrijden van armoede én het vergroten van de weerbaarheid van de meest kwetsbaren in 2015 heeft ondergebracht in eenzelfde doel als onderdeel van de mondiale duurzaamheidsagenda, namelijk onder SDG1 (Geen Armoede) . Armoede en kwetsbaarheid liggen in elkaars verlengde, en daarom is het belang om daar waar mogelijk weerbaarheid van de meest kwetsbaren op te bouwen zodat ook zij schokken en rampen kunnen opvangen. 

Er is daarom iets voor te zeggen om de investeringen die gedaan worden in de maatschappelijke weerbaarheid van Nederland te verbinden met armoedebestrijding- in al haar facetten. Dit past niet alleen bij de Europese anti- armoede aanpak die naar alle waarschijnlijkheid ook navolging zal vinden in Nederland. Maar ook bij het opnieuw invulling geven aan het geloof in naastenliefde omdat solidariteit betekent: vechten tegen de structurele oorzaken van armoede en ongelijkheid. 

Op deze Internationale Armoede dag spreek ik daarom de wens uit dat we met dezelfde gedecideerdheid waarmee we onze defensiekracht opschalen, armoede vanuit het perspectief van het recht op een menswaardig bestaan, de komende jaren fundamenteel aanpakken. Zo kunnen we Nederland als geheel, en in hetzelfde tempo, weerbaarder maken. In de stille hoop dat de dreiging uitblijft en de internationale vrede & veiligheid voor iedereen gewaarborgd blijven.

Build back better

Het principe Build back better wordt wereldwijd toegepast na grote rampen of crisis. Het betekent dat het herstel, de rehabilitatie en wederopbouw worden benut om de weerbaarheid van landen en gemeenschappen te vergroten . Herstel betekent dan niet simpelweg terugkeren naar de oude situatie, maar het terugbouwen van een samenleving die beter bestand is tegen toekomstige schokken. 

Wanneer Nederland armoedebestrijding onderdeel maakt van haar weerbaarheidsstrategie, kunnen we dit principe een andere invulling geven. We zouden dat kunnen omschrijven als: “Building forward”. We wachten namelijk niet tot een crisis de kwetsbaarheden in onze samenleving blootlegt, maar we pakken deze kwetsbaarheden aan voor dat een ramp zich voordoet. Hiermee vergroten we niet alleen de maatschappelijke weerbaarheid. We “vooruit bouwen” hiermee ook een samenleving die meer recht doet aan menselijke waardigheid en fundamentele mensenrechten.