De wereldwijde toewijding aan de Sustainable Development Goals staat overeind, ondanks groeiende geopolitieke druk en trage voortgang. Dat blijkt uit het Sustainable Development Report 2026, dat onlangs werd gepubliceerd. De auteurs roepen op tot hernieuwde wereldwijde samenwerking, nu de wereld de laatste jaren van de SDG’s ingaat en de contouren van een post-2030 kader zichtbaar worden.
Met minder dan vier jaar te gaan tot de deadline, loopt de voortgang op de SDG’s nog altijd fors achter: slechts 16% ligt op koers om tijdig te worden gehaald. De grote meerderheid van de VN-lidstaten blijft achter het kader staan, maar een klein aantal landen (met de Verenigde Staten als opvallendste voorbeeld) heeft zich actief gekeerd tegen het gedachtegoed van duurzame ontwikkeling en de multilaterale instellingen die daaraan ten grondslag liggen.
Wereldwijde conflicten zoals de oorlogen in Oekraine, Israel en Iran stoken brengen de vooruitgang verder onder druk. “Duurzame ontwikkeling kan niet worden bereikt te midden van aanhoudende conflicten, waardoor vrede de hoogste prioriteit van onze tijd is,” aldus professor Jeffrey D. Sachs, voorzitter van het SDSN en een van de hoofdauteurs van het rapport.”
Wie loopt voor, wie loopt achter?
Finland, Zweden en Denemarken staan bovenaan de SDG Index 2026. Onder de grote economieën laten India en China de sterkste vooruitgang zien. Oost- en Zuid-Azië als regio presteren het best sinds 2015.
De grootste zorgen liggen bij duurzame steden (SDG 11), leven in water (SDG 14), leven op land (SDG 15) en vrede en sterke instituties (SDG 16). Ook duurzame landbouw, obesitas en persvrijheid blijven hardnekkige knelpunten.
Multilateralisme onder druk
Wereldwijde steun voor de SDG’s blijft groot. Een ruime meerderheid van landen blijft VN-resoluties over duurzame ontwikkeling steunen: meer dan 170 van de 193 lidstaten stemden in 2025 vóór al deze resoluties. Argentinië en de Verenigde Staten waren de enige landen die consequent tégen stemden.
Wat moet er gebeuren?
Het rapport identificeert acht prioriteiten voor het komende decenia: (1) huidige oorlogen beëindigen en defensie-uitgaven ombuigen naar vrede en menselijke ontwikkeling; (2) een ambitieus tijdpad voor SDG-implementatie opstellen; (3) uitvoering organiseren rond zes grote transities; (4) langetermijn-investeringsplannen opstellen; (5) continentale, regionale en lokale samenwerking versterken; (6) nieuwe mondiale belastingen invoeren voor mondiale publieke goederen; (7) mondiale governancekaders ontwikkelen voor AI en biotechnologie; en (8) nieuwe VN-campussen vestigen in Azië, Afrika en Latijns-Amerika.