LEVEN OP HET LAND
Bossen, wetlands en biodiversiteit zijn van groot belang voor het klimaat en ons voortbestaan. Toch verdwijnen ecosystemen in rap tempo door ontbossing, intensieve landbouw, vervuiling en verstedelijking.
SDG 15 vraagt aandacht voor natuurbehoud en herstel van ecosystemen. Natuur is bovendien niet alleen iets om te beschermen, maar draagt ook aantoonbaar bij aan het welzijn van mensen, door stress te verminderen, herstel te bevorderen en mentale gezondheid te ondersteunen.
Organisaties beïnvloeden ‘leven op het land’ vaker dan ze denken: via het gebruik van grondstoffen, de inrichting van bedrijventerreinen, papiergebruik of cateringkeuzes. Ook inkoop en mobiliteit spelen een rol. De OR kan dit bespreekbaar maken. Door natuurinclusief denken in de organisatie te brengen, helpt de OR om gezondheid, biodiversiteit en klimaat hand in hand te laten gaan.
Hoe betrekken we medewerkers bij natuurvriendelijk gedrag op en rond het werk?
Ambitie: Medewerkers gaan bewust om met natuur en biodiversiteit, bijvoorbeeld door afvalreductie, vergroening of het vermijden van schadelijke stoffen. Tegelijkertijd draagt natuurbetrokkenheid ook bij aan het welzijn, de mentale gezondheid en de verbinding van medewerkers.
Verantwoordelijke: HR en facilitair beheer kunnen dit vormgeven via gedragscampagnes of interne betrokkenheidsacties, zoals natuurvriendelijke werkplekken of vrijwilligersdagen.
Actie: Ontwikkel bijvoorbeeld een interne campagne of challenge waarin medewerkers worden gestimuleerd om natuurvriendelijke keuzes te maken, zoals rondom vervoer, voeding of vergroening van de werkomgeving. Koppel hier ook activiteiten aan die de mentale gezondheid versterken, zoals gezamenlijke acties in de natuur (bijv. via IVN) of groene initiatieven op een medewerkersdag.
Hoe houden we in onze bedrijfsvoering rekening met impact op natuur, bodem, biodiversiteit en landschappen?
Ambitie: De ecologische voetafdruk van de organisatie verkleinen en ecosystemen zo min mogelijk belasten.
Verantwoordelijke: Facilitair beheer, operations of duurzaamheidscoördinatie dragen verantwoordelijkheid voor materiaalgebruik, terreinbeheer en milieueffecten.
Actie: Meet de ecologische voetafdruk van de organisatie en formuleer maatregelen om deze afdruk te verkleinen. Denk hierbij ook aan een mobiliteitsbeleid en het gebruikmaken van een milieu-RI&E. En richt als OR een natuurcommissie op (WOR artikel 15) of reserveer een zetel in de OR voor de stem van de natuur. Op die manier wordt de natuur een stakeholder in de medezeggenschap en in het gesprek tussen OR en bestuurder.
Hoe houden we in onze inkoop- en logistieke keuzes rekening met behoud van bossen, natuur en biodiversiteit?
Ambitie: Producten en diensten inkopen die aantoonbaar niet bijdragen aan ontbossing, uitputting van de bodem of verlies aan biodiversiteit.
Verantwoordelijke: Inkoop en logistiek zijn verantwoordelijk voor leverancierskeuze, transportkeuzes en materiaalbeleid.
Actie: Stel criteria op voor natuurvriendelijke inkoop, zoals FSC-gecertificeerd papier, biologisch voedsel, of materialen zonder link met ontbossing en monitor de naleving daarvan.
Hoe draagt onze organisatie bij aan natuurbehoud in bredere of internationale context?
Ambitie: Ook buiten de directe omgeving bijdragen aan ecosystemen, bijvoorbeeld via partnerships, donaties of deelname aan internationale programma’s.
Verantwoordelijke: MVO/duurzaamheidscoördinator of directie is verantwoordelijk voor maatschappelijke positionering.
Actie: Zoek actief aansluiting bij lokale of mondiale initiatieven gericht op natuurherstel, bijvoorbeeld via een compensatieproject (bomen planten), vrijwilligersdag of lidmaatschap van een natuurnetwerk.