Vorige maand kwamen in het Poolse Katowice honderden landen bijeen om af te spreken hoe zij uitvoering gaan geven aan de klimaatafspraken uit het Parijs-akkoord van 2015. Opnieuw bleek het lastig om met zo veel landen overeenstemming te bereiken. En (de stem van de middenklasse van) Brazilië maakte het er niet makkelijker op.

In Katowice vonden van 3 tot 15 december de nodige discussies plaats. Onder andere over het versoepelen van de regels rondom de CO2-uitstoot voor ‘ontwikkelingslanden’ en het definiëren van ‘ontwikkelingslanden’ op zich. Wie in 1992 tot ‘ontwikkelingsland’ bestempeld werd, kan inmiddels een enorme groei doorgemaakt hebben: denk bijvoorbeeld aan China.

Bolsonaro

Afspraken maken met tweehonderd landen blijft lastig. Vooral sinds de recente ontwikkelingen in Brazilië. Dat land toonde zich in 2015 in Parijs bereid afspraken te maken over de aanpak van klimaatverandering. Zij zouden in 2019 zelfs het klimaatoverleg gaan organiseren. Maar nu de rechtse politicus Jair Messias Bolsonaro vorige maand verkozen werd tot president, lijkt het land een andere weg in te slaan.

Zo dreigde Bolsonaro al om uit het verdrag van Parijs te stappen, heeft Brazilië besloten toch de klimaattop niet te willen organiseren en zegt Bolsonaro de Amazone open te willen stellen voor landbouw. Ook in Katowice hield het land de klimaattop op door dwars te liggen over de handel in CO2-rechten. Een zorgelijke ontwikkeling voor het draagvlak van de internationale klimaatafspraken, en de toekomst van de longen van de aarde – de Amazone produceert namelijk 20 procent van de zuurstof op aarde. Wat maakt deze ‘Tropische Trump’ toch zo aantrekkelijk voor de Brazilianen?

Middenklasse kiest

Waarom wordt er in Brazilië een president verkozen die racistische uitspraken doet, homo’s en vrouwen beledigt, uit het klimaatakkoord wil stappen en de vroegere militaire dictatuur van Brazilië verheerlijkt? Een van de redenen is dat hij de nieuwe middenklasse in zijn land aan weet te spreken.

Allereerst valt op dat er veel overeenkomsten zijn tussen Bolsonaro en de Filipijnse president Rodrigo Duterte. Beiden profileren zich als mannelijke, sterke leiders die zich fel keren tegen corruptie en criminaliteit. Zowel in Brazilië als de Filipijnen leidde een zelfde soort type leider en zelfde soort sociaal-economische ontwikkelingen tot deze huidige presidenten. Hun achterban bestaat voor een belangrijk deel uit burgers die ontevreden zijn over het functioneren van de overheid en op deze mannen hun hoop op verandering projecteren.

Een hiermee samenhangende ontwikkeling is de groei van de middenklasse en hun invloed op de politiek. Ongeveer 50 miljoen Brazilianen zijn de afgelopen tien jaar de armoede ontgroeid en toegetreden tot de middenklasse. Zij lijden onder criminaliteit en geweld, en zijn bang hun nieuw verworven welvaart te verliezen. Interessant is hierbij ook dat zij in hun optiek voor hun eigen welvaart hebben gezorgd, eerder ondanks dan dankzij de overheid. Zij hechten aan onderwijs, gezondheidszorg en overheidsdiensten, maar hebben vaak het gevoel dat zij niet van de overheid op aan kunnen. Zij zijn op zoek naar een sterke leider die hen de zekerheid kan bieden dat zij hun middenklasse-status niet zullen verliezen. Zo belooft Bolsonaro de criminaliteit hard aan te pakken en te zorgen voor meer werkgelegenheid. Ook de wijdverspreide corruptie wil hij aanpakken. De mensen die ik in de Filipijnen interviewde, gaven aan Duterte om dezelfde redenen te steunen.

Politieke gevolgen

Uiteindelijk zijn de belangen van de nieuwe middenklasse overzichtelijk: zij willen hun nieuwe status behouden, en investeren in de toekomst van hun kinderen. Deze persoonlijke keuze voor zekerheid heeft grote invloed op internationale samenwerking, onder andere op het gebied van klimaatafspraken dus. Tegelijkertijd is deze groep onvoorspelbaar: zij stemmen op degene die hun belangen op dat moment het best vertegenwoordigt. Zij kunnen snel van partij wisselen. Zo is de populariteit van Duterte sinds het stijgen van de inflatie de afgelopen maanden met zo’n 20 tot 30 procent gedaald. Het zou kunnen dat deze landen de komende jaren weer een slinger naar links maken, als blijkt dat hun president de beloofde veranderingen niet waar kan maken.

Hoewel een groeiende middenklasse zeker niet per definitie een leider kiest die weinig heeft met mensenrechten en het klimaat, kan zij wel zorgen voor een onvoorspelbare internationale politiek. Een middenklasse zorgt (idealiter) voor stabiliteit. Alleen de periode waarin de middenklasse nog groeit, kan onrustig verlopen, omdat zij eerst opkomen voor hun eigen welvaart. Het is afwachten wat er de komende jaren zal gebeuren in opkomende economieën waar de middenklasse toeneemt, en hoe dit doorwerkt in de uitvoering van klimaatadaptatie en -mitigatie maatregelen.

Foto: Pexels @ Pixabay.

 

Anna Zuidmeer (23) volgt de master International Development Studies aan de UvA. Daarnaast schrijft zij in haar vrije tijd voor IJopener Magazine. Deze blogserie is onder andere gebaseerd op de drie maanden die zij afgelopen zomer in de Filipijnen doorbracht om onderzoek te doen voor haar masterscriptie.

Pin It on Pinterest