Vervuilen is een keuze, zei ik in een eerdere blog. Ook de armste mensen die ik in de Filipijnen tegenkom, kun je daarvoor verantwoordelijk houden. Maar als we naar onszelf kijken, en naar alle mogelijkheden die wij in Nederland hebben, mogen wij die vervuiling nog veel sterker aanrekenen.

Eind vorige maand bleek dat op de stranden van de Dominicaanse Republiek ruim zestig ton plastic was aangespoeld. Vanaf het strand was het zeewater niet meer te zien, alleen nog golvende massa’s plastic; voornamelijk weggegooide flessen. Dit is nog maar een klein deel van de enorme plastic soep die in de oceanen drijft. Toch blijven we maar plastic produceren, waarvan we de helft binnen twintig minuten na gebruik weer weggooien.

Dit vraagt om meer dan halve maatregelen. De overheid heeft al kleine stappen ondernomen door winkels te verplichten geld te vragen voor plastic tasjes. Ondertussen is op de groente- en fruitafdelingen van supermarkten alleen plastic te vinden om producten die niet door overbodig verpakkingsmateriaal zijn omhuld, in tegenstelling tot kortgeleden, toen plastic om plastic zat. En zo is er meer overbodig plastic. Welke volwassene heeft een rietje nodig? En als iemand vanwege een medische reden niet zelf kan drinken, zijn er duurzamere alternatieven (zoals deze van stro!). Het is deze dagelijkse gemakzuchtige plasticconsumptie die leidt tot gigantische schadelijke afvalstromen die onze onmisbare ecosystemen vernietigen.

Er zijn ook minder zichtbare vormen waarop wij in rap tempo de leefomgeving van het zeeleven verwoesten. Plastic verdwijnt niet, maar breekt af in steeds kleinere stukjes totdat microplastics overblijven: deeltjes die van onderaf in de voedselketen terechtkomen. Plankton eten deze microplastics, waarna zijzelf worden opgegeten door kleine vissen. Als die door een grotere vis worden genuttigd, krijgt deze vervolgens een fikse hoeveelheid microplastics binnen. Dit gaat zo door, totdat wij de grotere vissen vangen, die dus een opeengestapelde hoeveelheid plastic in zich dragen. Zo vergiftigen wij indirect onszelf.

Kan het nog erger? Jazeker. Twee dagen geleden bracht PLOS Journal een rapport naar buiten waarin staat dat plastic niet alleen extreem langzaam vergaat, maar dat tijdens het afbraakproces ook nog gassen vrijkomen die het broeikaseffect versterken.

Dan een laatste ‘fun fact’: er zijn nu zelfs dode zones in de oceanen. Door vervuiling is er geen zuurstof en dus geen leven meer mogelijk. Deze dode zones zijn voornamelijk te vinden in kustgebieden voor dichtbevolkte gebieden in ‘ontwikkelde’ landen.

Tijd om ons verder te ontwikkelen? Lijkt me wel

In plaats van halve maatregelen te nemen is het hoog tijd voor een verandering van mindset. Wij moeten op een andere manier gaan denken over de productie en consumptie van artikelen. Produceren, consumeren en vervolgens een deel van ons afval recyclen is niet voldoende, veel beter zou zijn om de afvalstromen zo veel mogelijk opnieuw te gebruiken in het productieproces. Zo kan bijvoorbeeld fosfaat uit rioolwater voor kunstmestproductie worden gebruikt. Dit is het principe van de circulaire economie, wat gelukkig steeds meer onder de aandacht komt en als serieus alternatief wordt gezien door de overheid. Slimme innovaties als de het afbreken van plastics door ionische vloeistoffen zorgen ervoor dat er vrijwel geen nieuwe grondstoffen meer gebruikt hoeven te worden. Op de huidige voet kunnen wij niet doorgaan. Wereldwijd hebben wij namelijk op 1 augustus al de hoeveelheid natuurlijke grondstoffen voor het hele jaar opgebruikt.

Laten we in Nederland gebruikmaken van de expertise en financiële middelen om nieuwe samenwerkingen aan te gaan en op innovatieve wijze onze afvalstroom te stoppen. Wanneer wij onze kennis delen met ‘ontwikkelingslanden’ zoals de Filipijnen, hoeft hun ontwikkeling niet gepaard te gaan met een toename van 80 kilo afval per persoon per jaar, waardoor we een verdere verwoesting van het zeeleven kunnen voorkomen.

 

Anna Zuidmeer (23) volgt de master International Development Studies aan de UvA. Daarnaast schrijft zij in haar vrije tijd voor IJopener Magazine. Deze blog-serie is gebaseerd op de drie maanden die zij afgelopen zomer in de Filipijnen doorbracht om onderzoek te doen voor haar masterscriptie.

Pin It on Pinterest