OPINIE – Het optimaal benutten van biomassa als duurzame energiebron is hard nodig om aan internationale klimaatafspraken te voldoen, meent Jaap Kiel van ECN. In zijn ogen moet het nieuwe kabinet daar het voortouw in nemen. “We moeten de rol van biomassa niet langer negeren of enkel ‘nee’ zeggen.”

Met alleen zon en wind komen we er niet. De discussie over biomassa wordt te nauw gevoerd (het gaat alleen over bij- en meestook van biomassa in kolencentrales) en het nieuwe kabinet moet het voortouw nemen om innovatie en marktintroductie van biogebaseerde technologie te versnellen.In het Klimaatakkoord van Parijs hebben 195 landen afgesproken de opwarming van de aarde te beperken tot minder dan 2°C en liever nog minder dan 1,5°C. Ook Nederland heeft zich achter deze afspraken geschaard. Nederland heeft zich ook gecommitteerd aan de Europese afspraak dat dit betekent dat de emissies van CO2 en andere broeikasgassen uiterlijk in 2050 met 80-95 procent moeten zijn gereduceerd.

‘De rol van biomassa als duurzame energiebron blijft onderbelicht, als het überhaupt al wordt genoemd’

De discussie over hoe dit te bereiken wordt in toenemende mate verengd tot de vraag hoe het aanbod aan duurzame elektriciteit uit zon en wind kan worden vergroot. De rol van biomassa als duurzame energiebron blijft onderbelicht. Als energie uit biomassa al wordt genoemd, betreft het vaak enkel bij- en meestook van biomassa in kolencentrales en is de toon vaak negatief. Dit is onterecht en brengt het halen van de Parijsafspraken in gevaar.

Elektriciteit kan inderdaad in hoge mate duurzaam uit zon en wind worden opgewekt. Voor andere sectoren zoals vrachtvervoer en de procesindustrie is dat veel minder het geval, daar zullen we op een andere manier de CO2 emissies moeten terugdringen. Studies laten zien dat alle mogelijkheden moeten worden benut en dat biomassa een grote rol kan spelen. Zo laat een recente studie van het International Energy Agency (IEA) en het Duitse onderzoekinstituut IRENA een biomassa-aandeel in de wereldwijde duurzame energiemix in 2050 van 37 procent zien (tegen zon PV en wind samen 26 procent).

Voor Nederland is de grote rol voor biomassa onder andere geschetst in de strategische visie Biomassa 2030 van het Ministerie van Economische Zaken. Er is wereldwijd voldoende duurzame biomassa beschikbaar, zo blijkt uit brede studies van het IPCC en voor Nederland onder meer uit het Biomassa 2030 rapport. Voor Nederland gaat het dan om verschillende binnenlandse biomassareststromen, import van biomassa of biogebaseerde brandstoffen en grondstoffen, en ontwikkeling van grootschalige zeewierteelt op de Noordzee.

Deze biomassa moeten we vooral daar inzetten waar andere duurzame alternatieven minder geschikt zijn: als hoogwaardige grondstof (voor bijvoorbeeld de productie van chemicaliën), als brandstof voor lucht- en scheepvaart en zwaar wegtransport en voor proceswarmte in de industrie, en als back-up of voor het opvangen van pieken bij de elektriciteitsopwekking en de verwarming van huizen en gebouwen. Net als nu gebeurt bij aardolie, kan biomassa in de verwerking worden gesplitst in meerdere deelstromen waaruit vervolgens verschillende producten kunnen worden gemaakt, zoals materialen, chemicaliën, biobrandstoffen, elektriciteit en warmte. Door op deze manier biomassa efficiënt in te zetten wordt bio-energie betaalbaar.

‘Door biomassa te splitsen in deelstromen en efficiënt in te zetten wordt bio-energie uiteindelijk betaalbaar’

We staan voor een enorme uitdaging, indien we biomassa in 2050 inderdaad deze prominente rol willen laten spelen. Veel benodigde technologie is nog niet commercieel beschikbaar. Ontwikkeling en marktintroductie van technologie vergen zo’n tien tot twintig jaar en daarbovenop komt nog de tijd nodig voor grootschalige uitrol. Ook het beschikbaar maken van grote volumes duurzame biomassa, de ontwikkeling van logistieke ketens om biomassa te importeren en goede certificeringssystemen om de duurzaamheid te borgen vereisen grote inspanningen.

Daarom moeten we nu forse stappen zetten om de innovatie te versnellen, marktintroductie van nieuwe technologie te stimuleren en de beschikbaarheid van duurzame biomassa te vergroten. Waar we bestaande (energie-)infrastructuur kunnen benutten voor een versnelling van de transitie, moeten we dat zorgvuldig overwegen. Dat geldt bijvoorbeeld voor de bij- en meestook van biomassa in kolencentrales, waarbij we natuurlijk moeten voorkomen dat ongewenste effecten ontstaan die de transitie en verduurzaming belemmeren.

De tijd dringt! De overheid zal, in nauwe samenwerking met het bedrijfsleven, kennisorganisaties en NGO’s, de aandacht moeten richten op de vraag hoe de transitie naar een duurzame energievoorziening in 2050 met daarin een prominente rol voor biomassa vorm te geven. Laten we vooral niet blijven hangen in het negeren van de rol van biomassa of in enkel “nee” zeggen.

Jaap Kiel is Programme Development Manager Biomass van Energieonderzoek Centrum Nederland (ECN).

Bron: Dit bericht werd eerder gepubliceerd op OneWorld.nl
Foto: Flickr/Oregon Department of Forestry

Pin It on Pinterest